Regie op de Textielketen

1.1 Waarom is het belangrijk om te sturen op de textielketen?

Om in de toekomst de mensheid te blijven voorzien van noodzakelijke goederen is een fundamenteel andere omgang met grondstoffen nodig. Een economie die voorziet in behoeften zonder het milieu te overbelasten en natuurlijke hulpbronnen uit te putten is daarvoor nodig. Dat lukt alleen in een circulaire economie waarin binnen de draagkracht van de aarde efficiënt wordt omgegaan met producten, materialen en hulpbronnen, zodat toekomstige generaties toegang tot materiële welvaart behouden.

De manier waarop textiel wordt geproduceerd, gebruikt en afgedankt verloopt voor een groot deel lineair. Er wordt geproduceerd met behulp van grote hoeveelheden grondstoffen, de textielproducten worden gebruikt en meer dan de helft van het textiel in Nederland wordt via het restafval afgedankt. De productie, het gebruik en het afdanken van textiel heeft een grote impact op het milieu en de samenleving.

De textielindustrie is de industrie die het op één na meeste water verbruikt en is verantwoordelijk voor 10% van de wereldwijde CO2-uitstoot. Bovendien worden bij de teelt van katoen grote hoeveelheden pesticiden en in de textielindustrie grote hoeveelheden chemicaliën (zoals verfstoffen of PFAS) gebruikt die voor een deel in het milieu terechtkomen.

Circa 2,5% van de landoppervlakte van de aarde wordt gebruikt voor de teelt van katoen. Daarop komt 22,5% van het totale insecticidegebruik terecht, en 10% van de pesticiden. Circa 60-70% van de milieubelasting vindt plaats tijdens de productie van kleding.

Ook tijdens het gebruik wordt het milieu belast door wassen en drogen. Bij het wassen van synthetische kleding komen microplastics vrij. Een deel van deze microplastics komen uiteindelijk in de oceaan terecht. Volgens onderzoek van de Ellen MacArthur Foundation zal tussen 2015 en 2050 een totale hoeveelheid van 22 miljoen ton microplastics in de oceaan terechtkomen.

In Nederland wordt per jaar 305,1 kton textiel weggegooid, dat is 17,7 kg per inwoner. Het Nederlands restafval bevat 169 kton textiel, dat is 55,4% van het afgedankt textiel, bijna 10 kilo per inwoner per jaar. Een kleine 8 kilo wordt gescheiden ingezameld. Het afdanken via het restafval leidt tot verbranding en storting en heeft zo een negatief effect op het milieu.

Rijkswaterstaat heeft een schatting gemaakt van de milieuvoordelen van het beter scheiden van textiel. Een 50% reductie van het textielafval levert het volgende op als door hergebruik en recycling nieuwe productie wordt voorkomen:

  • 74% minder CO2 uitstoot
  • 69% minder energiegebruik
  • 80% minder watergebruik

De textielindustrie biedt direct en indirect wereldwijd werk aan honderden miljoenen mensen. De werknemers in de wereldwijde textielindustrie zijn niet overal even goed beschermd. Een aantal werknemers in de arbeidsintensieve textielproductie (met name in Azië) kunnen niet rondkomen van hun loon, werken onder slechte omstandigheden zonder zekerheid en komen in aanraking met schadelijke  chemicaliën.

Het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat heeft in het Beleidsprogramma circulair textiel 2020 – 2025 de ambitie opgenomen dat de keten van textiel in 2050 volledig circulair is. Dat betekent dat al het textiel dat we dan in Nederland inzamelen, opnieuw moet worden hergebruikt en gerecycled. Voor 2025 is de doelstelling om 30% recycling te realiseren en in 2030 50% recycling. Daarnaast moet nieuw textiel in 2025 25% gerecycled of duurzaam materiaal bevatten en in 2030 50%. Verder wil de rijksoverheid hergebruik van textiel stimuleren.

Dit handboek wil daarom gemeenten inspireren en van kennis voorzien om zoveel mogelijk kwalitatief goed textiel in te zamelen zodat deze goed gesorteerd, verwerkt en uiteindelijk gebruikt kan worden. Er worden feiten, sturingsinstrumenten en handelingsperspectieven beschreven om ervoor te zorgen dat zoveel mogelijk kwalitatief goed textiel wordt ingezameld. Hiermee wordt bijgedragen aan de (lokale) creatie van waarde en de transitie naar een circulaire economie.

In de zomer van 2019 hebben Rijkswaterstaat en de NVRD vanuit het programma Van Afval Naar Grondstof – Huishoudelijk Afval (VANG-HHA) het aanvalsplan gft-afval en textiel ‘Naar meer en schonere deelstromen’ vastgesteld. Dit aanvalsplan bestaat uit drie onderdelen die tezamen inbreng leveren voor dit handboek:

Marktconsultatie

Naar aanleiding van een marktconsultatie naar de optimale inzamelstructuur van huishoudelijk textiel, gericht op een volledig circulaire textielketen, hebben 24 marktpartijen uit de textielketen tijdens een marktdag hun inzichten en kennis gedeeld over de optimale wijze van inzamelen, sorteren en recyclen van afgedankt huishoudelijk textiel. Hierbij is ook informatie opgehaald over de wijze waarop gemeenten meer circulair kunnen aanbesteden.

Maatwerktrajecten

Binnen zes pilotgemeenten zijn maatwerktrajecten gehouden waarbij gekeken is naar de wijze waarop en waarmee textiel bij de inzameling vervuild raakt. Dit is gedaan door de textielinzameling van inwoner tot sorteerder/verwerker op detailniveau te volgen. Met deze schat aan informatie krijgen gemeenten beter inzicht in textielinzameling in hun gemeente. Gemeenten en inzamelaars kunnen gerichte verbetermaatregelen nemen als zij weten waar de oorzaken van vervuiling liggen. Textielinzameling via kringloopbedrijven en maatschappelijke organisaties is hier buiten beschouwing gelaten. De ervaringen uit de maatwerktrajecten zijn verwerkt in dit handboek, o.a. met de sorteeranalyses en vervuilingsbegrippen in paragraaf 1.4 en de handelingsperspectieven in hoofdstuk 3.

Communicatie

Inwoners kunnen afval goed scheiden als gemeenten duidelijk communiceren over welke soort afval in welke bak moet. Rijkswaterstaat heeft daarvoor pictogrammen ontwikkeld en een stappenplan herkenbare afvalscheiding. Ook een duidelijke wel-niet lijst (zie volgende paragraaf) helpt de communicatie over textiel.

Op basis van de marktconsultatie en de maatwerktrajecten wordt de volgende begrippenlijst voor dit handboek gehanteerd. Het begrip textiel wordt in de volgende paragraaf beschreven.

Begrippenlijst Handboek Textiel
Begrip Gehanteerde definitie
Maatwerktraject Een traject waarbij een gemeente in kaart brengt waar en hoe vervuiling van textiel plaatsvindt door het traject van inzameling van textiel vanaf inwoner tot sorteerder/verwerker te volgen, zodat op die manier gerichte verbetermaatregelen kunnen worden genomen. meer informatie over de aanpak.
Illegale inzameling Het niet in opdracht van of met instemming van de gemeente inzamelen van textiel.

Herdraagbaar textiel

Kleding en schoeisel dat direct opnieuw gedragen kan worden en waarbij, behalve eventueel wassen, er geen verwerkingshandeling is vereist. Herdraagbaar textiel wordt voornamelijk vermarkt naar landen over de hele wereld. Een klein gedeelte wordt aangeboden via de kringloopwinkels.
Opschonen Het controleren op en verwijderen van vervuiling voordat verdere sortering van het textiel plaatsvindt. Dit kan bij de inzameling (huis-aan-huis inzamelen of handlos) of bij de verwerker (bij onderlossende containers).

Grofsorteren

Het sorteren van textiel en schoeisel in zo’n (maximaal) 25 soorten. Dit wordt gedaan door bijvoorbeeld textielinzamelaars die het (ingezamelde) textiel sorteren in enkele categorieën herdraagbaar textiel, ondersoorten en vervuiling. Ook kringloopwinkels sorteren textiel en schoeisel in verschillende categorieën herdraagbaar textiel.
Fijnsorteren

Fijnsorteren Het uitsorteren van textiel naar vele fracties. Textiel kan worden uitgesorteerd naar wel 350 fracties. Bijvoorbeeld door uit te sorteren naar grootte (kinderkleding bijvoorbeeld), naar soort (broek, trui, etc.), naar geslacht (heren, dames), naar kleur, naar materiaalsoort (katoen, nylon, etc.) of naar toepassing (poetsindustrie, automobielindustrie).

Ondersoorten Het textiel dat na sortering met verlies verkocht wordt, dat wil zeggen dat de verkoopprijs lager ligt dan de kosten voor inzameling en sortering.[1]

[1]  Dit is de definitie van sorteerders en inzamelaars. Deze ondersoorten brengen geen geld op, maar bestaan mogelijk uit deels draagbaar en/of recyclebaar textiel.

Vervuiling Verzamelnaam voor textiel en niet-textiel dat de sortering en verwerking hindert. Een gedetailleerde uitleg van de verschillende vormen van vervuiling wordt gegeven in paragraaf 1.4.