Guus van den Berghe kijkt terug op één jaar VANG-HHA


Programmamanager Guus van den Berghe van Rijkswaterstaat kijkt terug op een jaar VANG-HHA. In een jaar tijd kan veel veranderen. Na jaren van consolidatie, of zelfs van stilstand en radiostilte, staan de scheiding en preventie van huishoudelijk afval weer hoog op ieders agenda. Er gaat een positieve vibe door Nederland: veel gemeenten, samenwerkingsverbanden en bedrijven hebben dit momentum gepakt om weer serieus naar de eigen afvalhuishouding te kijken.

We vragen onszelf af: hoe doen we het eigenlijk? Waar liggen de kansen om meer grondstoffen terug in de keten te krijgen? Hoe maken we afvalscheiding leuk voor de burgers en laten we ze daarnaast minder betalen? Waarom produceren wij veel meer restafval dan onze buurgemeente? Hoe worden we in de nabije toekomst afvalloos?

Positieve beweging

Deze beweging stemt ons zeer positief. Als uitvoerders en aanjagers van het Uitvoeringsprogramma VANG-HHA (NVRD, VNG, ministerie van IenM en Rijkswaterstaat) hebben we blijkbaar goed werk geleverd. Het Uitvoeringsprogramma is geland en de partijen pakken het gretig aan om echt werk te maken naar meer afvalscheiding en -preventie. Om het uiteindelijke doel van gemiddeld 100 kilogram restafval per inwoner per jaar te halen zijn nog grote veranderingen nodig. Toch is de teneur van ‘dat wordt heel lastig’ zoals we een jaar geleden soms hoorden, nu gelukkig vaak veranderd in een reactie als ‘we gaan ervoor’ en ‘we doen het samen, binnen de mogelijkheden die we hebben’.

Bijdrage burgers essentieel

Dat ook veel burgers mee willen in de veranderingen, blijkt elke keer weer als je een blik op de afvalscheidingsresultaten per gemeente werpt. Je hoeft maar naar de cijfers te kijken of je ziet waar diftar al is geïntroduceerd of waar is overgestapt op omgekeerd inzamelen. Een belangrijke steun in de rug, want de bijdrage van burgers is essentieel. Gemeenten kunnen namelijk nog zulke geavanceerde systemen introduceren, maar als burgers te veel restafval blijven weggooien, gaan we het niet redden.

100-100-100-100

Ook een project als 100-100-100 van ROVA laat zien dat mensen klaar staan om hun bijdrage aan de circulaire economie te leveren. Na de positieve en zeer aanstekelijke reacties op deze pilot zijn we goed op weg om in 2016 de volgende ‘100’ aan dit rijtje toe te voegen: 100 gezinnen, 100 dagen en 100% afvalvrij en dat in 100 gemeenten. Met mijn vrouw en dochters kan ik niet wachten om in mijn eigen gemeente zelf deel te gaan nemen.

‘Nieuwe’ grondstoffen

Het sluiten van de ketens is misschien wel de belangrijkste pijler van het Uitvoeringsprogramma. Afgelopen jaar hebben gemeenten massaal drankenkartons opgepakt als de volgende stroom om te scheiden. Deze ‘nieuwe’ grondstoffen worden inmiddels al in bijna 270 gemeenten ingezameld. Daar hadden we een jaar geleden alleen maar van durven dromen! De komende jaren volgen meer en meer stromen en ketens. Zo gaan we met elkaar stap voor stap naar de 100 kilogram huishoudelijk restafval per inwoner per jaar.

Guus van den Berghe, Programmamanager VANG-HHA bij Rijkswaterstaat


Guus van den Berghe

Guus van den Berghe:  'Ik kan niet wachten om samen met mijn vrouw en dochters in mijn eigen gemeente deel te gaan nemen aan 100-100-100.'