3 Friese G’s voor nascheiding: Gemak, Goede resultaten en Gebrek aan ruimte


Leeuwarden en de DDFK-gemeenten (Dantumadiel, Dongeradeel, Ferwerderadiel en Kollumerland) in Friesland werken voor de inzameling met het Omrin-concept van gecombineerde bron- en nascheiding. Voor de DDFK-gemeenten stemmen het gemak en de goede resultaten positief. Leeuwarden vindt nascheiding ook ideaal met zijn 30 procent hoogbouw.

Leeuwarden

Waarom kiest Leeuwarden voor nascheiding?

Peter Hoogeveen, Leeuwarden, senior adviseur Afval: “Leeuwarden scheidde al restafval en in 2009 was een extra scheidingsstap voor kunststoffen en daarna drankenkartons relatief eenvoudig. Kunststofverpakkingen en drankenkartons zijn afvalstromen die uitstekend middels nascheiding van het restafval kunnen worden gescheiden.”

“Leeuwarden kent ook een historische binnenstad met zo’n 30 procent hoogbouw. Hierdoor is op bepaalde plekken de ruimte voor inzamelvoorzieningen beperkt. Nascheiding is dan een zegen. Uit onderzoek van onder meer de Universiteit van Wageningen blijkt dat de kwaliteit van bron- en nascheiding vergelijkbaar is.”

Hoe gaat het nu met de scheidingsresultaten?

“Voor een klasse B-gemeente doen we het al erg goed, maar het kan altijd beter. We zitten nu op een scheidingspercentage van 62 procent en iets minder dan 160 kilo fijn restafval. Net als alle andere gemeenten in Nederland, valt ook hier de meeste winst te behalen door een betere scheiding van groente-, fruit- en etensresten. Hier ligt dan ook onze focus.”

Hoe werkt Leeuwarden aan de VANG-doelstellingen?

“De afgelopen jaren hebben we met wisselende successen verschillende pilots gehouden om te kijken welke maatregelen ons hierbij kunnen ondersteunen. De komende tijd willen we gebruiken voor andere experimenten. De lessen hieruit benutten we voor nieuwe beleidsmaatregelen.”

“Dit voorjaar starten we met een pilot om de scheiding van keukenafval en etensresten te verbeteren. Met Omrin hebben we een hip biobakje ontwikkeld van 100% gerecycled afval uit onze eigen nascheidingsinstallatie (foto rechtsboven). Dit bakje introduceren we tijdens de pilot en zetten daarbij verschillende interventies in. Zo komen we er hopelijk achter wat de meest effectieve strategie is om onze inwoners in de keuken te beïnvloeden.”

“In de raad houden we binnenkort een afvalbijeenkomst. Daar vertellen deskundigen en collega’s over hun ervaringen. Dit met het oog op het ontwikkelen van toekomstig afvalbeleid en om te verkennen of er in de tussentijd snelle winst te behalen is.”

Hoe kijkt u naar nascheiding in de toekomst?

“Voor stedelijke gebieden met relatief veel hoogbouw blijft nascheiding een uitkomst, maar zeker ook voor laagbouw is het interessant. Wij hoeven onze inwoners gelukkig niet te vermoeien met de discussie of iets een kunststof verpakking of niet-kunststofverpakking is. Daar redt onze nascheidingsprogrammatuur zich prima mee.”


Biobakje Leeuwarden 2

DDFK-gemeenten

Waarom kiezen de DDFK-gemeenten voor nascheiding?

Dirk Albert Zijlstra, beleidsmedewerker Circulaire Economie: “Dat is in 2008 een Friesland-brede keuze geweest. Nascheiding betekent enige service voor je inwoners. We hoeven ze niet apart op te voeden om een nieuw systeem te gebruiken en hebben geen extra inzamelroutes. Ook rijd je niet heen en weer met lucht. Kunststof verpakkingen hebben namelijk veel volume en weinig gewicht. De opbrengsten van de nascheidingsinstallatie van Omrin zijn ook best goed. In vergelijking met de gemiddelde bronscheidingsgemeente doet de nascheiding van Omrin het beter.”

“Wat je als nadeel kunt zien is dat je wat minder flexibel bent als je bijvoorbeeld de inzamelfrequentie wilt aanpassen. Dat gaat iets moeizamer, omdat de kunststoffen in de grijze container terecht komen. Eerder heb ik een pilot uitgevoerd in Dongeradeel met bronscheiding van kunststoffen. Toen bleek dat we met nascheiding betere resultaten konden boeken en er dus meer hergebruik plaatsvindt. Dat weegt wat mij betreft toch zwaarder.”

Hoe gaat het nu met de scheidingsresultaten?

“Voor dit jaar zijn we nog druk aan het rekenen, maar de afvalscheiding gaat vermoedelijk richting de 70 procent. Daar ben ik best tevreden over. Om de afvalscheiding aan de bron te verbeteren, zijn we in Friesland een sortibak-campagne gestart.” In de grijze container zit nu nog ruim 30 procent gft. We verwachten dat hier nog winst valt te halen. We gaan een keukenemmertje uitzetten om dat afval beter te scheiden. Dat leidt ook weer tot minder restafval, nu nog zo rond de 150 kilo per inwoner.

Hoe werken de DDFK-gemeenten aan de VANG-doelstellingen?

“Het concept van Omrin en de Friese gemeenten is niet alleen gericht op nascheiding, maar op een combinatie van bron- en nascheiding. We scheiden aan de bron waar het moet en na waar het kan. Stromen als gft, papier, glas, textiel en KCA wil je er natuurlijk aan de voorkant uit. Zeker met het gft, waaronder het keukenafval, hopen we met de sortibak-campagne tot een nog beter hergebruik te komen. Daar zetten we graag op in.”

Hoe kijkt u naar nascheiding in de toekomst?

“Ik heb er wel vertrouwen in dat we doorgaan met de huidige combinatie van voor- en nascheiding. Ook al zijn we geen stedelijke gemeente, het werkt hier goed. Met deze manier van scheiden heb je ook nog eens een achtervang voor dingen die niet goed gescheiden zijn”.