Wat mij betreft is het (gerecyclede) glas halfvol

Na twee leuke en leerzame jaren bij het uitvoeringsprogramma VANG huishoudelijk afval en het Learning Center ben ik overgestapt naar een andere ‘schakel’ in de keten. Bij het Kennisinstituut Duurzaam Verpakken houd ik me sinds 1 januari wederom bezig met de interessante (en op sommige momenten wondere!) wereld van verpakkingen. Nu alleen niet met de fasen van afdanken, inzamelen en sorteren, maar met de hele keten: van verpakker tot consument en van de wetenschap tot in de p(m)d-bak. De kennis over de inzamelsystemen en de werkwijze bij gemeenten die ik bij het LC heb opgedaan, komen nu goed van pas.

Wat doet de producent?

Wat heb ik meegenomen uit de bijeenkomsten met gemeenten die het LC organiseert? Ik zag dat gemeenten erg hard werken om de inzameling van p(m)d te optimaliseren en zoeken naar de aanpak die het beste bij ze past. Deze inzet voor het sluiten van de kunststofketen verwachten gemeenten ook van producenten en importeurs. Regelmatig heerste onder gemeenten verontwaardiging over de welbekende chipszak en blisterverpakkingen. Gemeenten vragen zich af: waarom doen producenten niet beter hun best om minder, of beter te recyclen, verpakkingen op de markt te brengen?

Nu ik een aantal weken bij het KIDV rondloop, kan ik daar een vollediger antwoord op geven dan voorheen. Een van de instrumenten die de Raamovereenkomst Verpakkingen biedt om de op de markt gebrachte verpakkingen te verduurzamen zijn de brancheverduurzamingsplannen. In deze plannen staan concrete en meetbare hoogst haalbare doelen om product-verpakkingscombinaties te verduurzamen. Deze doelen zijn gebaseerd op de prestaties van de koplopers uit de branche. De hoogst haalbare doelen worden onder regie van het KIDV getoetst door een commissie van wetenschappers. Dit heeft geleid tot hoogst haalbare doelen die verdere invulling geven aan de Europese Essentiële Eisen voor verpakkingen.

Onlangs heeft het KIDV vier nieuwe brancheverduurzamingsplannen vastgesteld. Samen met de al eerder vastgestelde plannen, vertegenwoordigen deze nu 83 procent van het verpakkingsgewicht dat op de Nederlandse markt wordt gebracht. Dat betekent dat over 83 procent van het verpakkingsgewicht is nagedacht hoe deze meer circulair te kunnen ontwerpen.

Wat gaat er gebeuren de komende jaren?

Wat betekent dit nu precies voor de verpakkingen die wij de komende jaren gaan tegenkomen in bijvoorbeeld de supermarkt? Meer verpakkingen met een weggooiwijzer, een (veel) groter aandeel gerecycled materiaal in de verpakkingen, 80 procent van het papier en karton is gecertificeerd en lichtere verpakkingen. Het accent in alle plannen ligt vooral op het terugdringen van (overbodige) verpakkingen of verpakkingsmateriaal en op betere recyclebaarheid en recycling. Voor de branches die zelf geen verduurzamingsplan hebben ingediend, stelt het KIDV op verzoek van de raamovereenkomstpartijen momenteel hoogst haalbare doelen op.

Met alleen plannen en hoogst haalbare doelen waaraan branches zich committeren zijn we er nog niet. De komende jaren werken we hard aan de uitvoering van de plannen en het innoveren van verpakkingen. Sceptici zullen nu wijzen naar de chipszak die in veel gevallen (niet alle!) nog steeds van multi-layer-materiaal is gemaakt. Wat mij betreft is het (gerecyclede) glas halfvol: overal in de keten worden stappen gezet, van verpakkingsontwerp tot verwerking. Ik hoop dat ik met bovenstaande toelichting de veelgestelde vraag van gemeenten iets beter heb kunnen beantwoorden. Gemeenten met meer of aanvullende vragen mogen altijd aan de bel trekken bij mij en mijn collega’s bij het KIDV!

Daphne van den Berg – KIDV (DvandenBerg@kidv.nl)


Daphne va den Berg 2

Daphne van den Berg

E: DvandenBerg@kidv.nl