Pilot hoogbouw in Zaanstad


Eind 2014 ging het project ‘Verbeteren afvalscheiding in de hoogbouw’ van start. Doel van dit project van VANG Huishoudelijk Afval is inzicht krijgen in gedragsbepalende factoren voor afvalscheiding en de effectiviteit van gedragsmaatregelen (interventies). Na een eerste onderzoeksfase gingen eind vorig jaar in acht gemeenten verschillende pilots van start.

In Zaanstad vindt de pilot plaats bij zestien hoogbouwflats in de wijk Kogerveld. Het betreft 766 huishoudens, met name in de lagere inkomensklasse. Bij elke van deze flats waren al één of meerdere ondergrondse containers voor restafval aanwezig. Vóór de 0-meting van de pilot van start ging, is op 10 plekken ook een gft-cocon geplaatst en zijn restcontainers omgebouwd naar containers voor plastic, blik en pak en oud papier en karton. Joost Moerkerk, projectleider bij afval en energiebedrijf HVC: “Vóór de start van de pilot was de afvalscheiding bij deze flats ongeveer nul. Spullen die niet in de ondergrondse restafvalcontainers pasten, werden ernaast geplaatst. Dat was het gebruikelijke gedrag.”

Communicatie met bewoners

De gemeente stuurde bewoners een brief met daarin de beleidswijzigingen en informatie over de extra voorzieningen voor afvalscheiding. Vlak voor de start van de pilot organiseerden gemeente Zaanstad en HVC een informatieavond en informeerde HVC de bewoners via een brief en een folder met informatie over de vier te scheiden afvalstromen.

Drie interventies

Zaanstad en HVC testen drie interventies. Een deel van de bewoners kan aangeven of ze voorzieningen in de woning willen, zoals een gft-bakje, biologisch afbreekbare afvalzakjes of een middel om plastic, blik en pak in te zamelen. Moerkerk: "Verder gaan we bij een deel van de woningen aan de slag met implementatie-intenties. We geven uitleg over afvalscheiding en bewoners krijgen een snijplank met daarop een reminder om snij- en andere etensresten in de groene bak te gooien. De bewoners ontvangen tijdens het gesprek een bevestiging van de zelf omschreven routinehandelingen, in de vorm van een actie-kaart waarop ze hun handtekening zetten. Deze kaart bevat ook een lijst met de meest voorkomende producten die we graag in het gft willen hebben. Deze kaart herinnert de inwoners aan hun voornemen het afval goed te scheiden.” Bij beide interventies gaan we langs de deur en wordt tijdens een persoonlijk gesprek alles uitgelegd. De laatste interventie is social modeling, waarbij mensen uit de wijk als ambassadeur fungeren en via posters en filmpjes anderen inspireren om ook hun afval te scheiden. Het mooie van het project is, dat we de verschillende maatregelen apart, maar ook in combinatie gaan testen. Op deze manier weten we na afloop precies wat de toegevoegde waarde per maatregel is en of de maatregelen elkaar versterken of niet.

Eerste resultaten

Moerkerk (naar aanleiding van de eerste resultaten): “We zien dat de meeste gfe- (groentefruit en etensresten) containers goed worden gebruikt. Er zal nog wel een kwaliteitsslag gemaakt moeten worden, aangezien er nog wel zaken worden aangetroffen die niet in de gfe-fractie horen. Voor plastic, pak en blik geldt eigenlijk hetzelfde. Een aantal containers wordt goed gebruikt, andere vrijwel niet. Ook hier is de zuiverheid van de stroom een aandachtspunt. Opvallend is dat het ingezamelde oud papier en karton geheel zuiver is. Tot nog toe hebben we alleen het basispakket ingevoerd en nog geen uitgebreide maatregelen getroffen. Daarom is het interessant of het toepassen van de interventies tot meer en zuivere stromen leidt. Ik hoop natuurlijk dat we het wel voor elkaar krijgen de kwaliteit en de kwantiteit te verhogen. De pilot vindt plaats in een uitdagende wijk, maar het is belangrijk dat ook in zo’n wijk wordt onderzocht wat wel en niet mogelijk is.”

Tekst: Ans Aerts


IMG_5245

GFT-cocon

Zaanstad